Deze website maakt gebruik van cookies. Door uw bezoek gaat u akkoord met het plaatsen van deze cookies.
Uitleg over cookies, met een link naar de pagina met privacy beleid Meer informatie Sluiten

Onafhankelijke SenaatsFractie

De OSF is een platform van onafhankelijke provinciale partijen

Kernwaarden: kleinschaligheid en de menselijke maat.
De politiek bestaat om de burger te dienen en niet andersom.

Dossier Kieswet

20-06-2017
H. ten Hoeve / OSF

Wijziging van de Kieswet in verband met het afschaffen van de mogelijkheid voor politieke groeperingen om lijstencombinaties te vormen.

Voorzitter, Uitgangspunt voor de regering en ook, neem ik aan, voor ons allemaal hier, is dat zo goed mogelijk voldaan moet worden aan de opdracht in art. 53 lid 1 van de Grondwet voor de Tweede Kamer en in art. 129 lid 2 voor gemeenteraden en provinciale staten, dat deze vertegenwoordigende lichamen “op de grondslag van evenredige vertegenwoordiging” gekozen moeten worden. De wet regelt dat verder en het wetsvoorstel waar wij nu over spreken gaat over de wijze waarop de wet dat regelt. De discussie er over en zelfs ook het enkele feit dat dit voorstel verandering wil aanbrengen in de regelingen die er gelden, bewijst wel dat die grondslag “evenredige vertegenwoordiging” niet éénduidig is. Naar mijn gevoel is “evenredige vertegenwoordiging” wel niet helemaal identiek met “democratisch”. Maar voor het gemak kunnen we ons wel de vraag stellen wat wij het meest democratisch vinden bij de keuzes die in het kader van dit wetsontwerp aan de orde zijn geweest, wel of niet lijstverbindingen toestaan maar ook de vraag in de discussie, hoe om te gaan met restzetels.

De motivering die de regering gebruikt voor het voorstel lijstverbindingen niet langer toe te staan is in hoofdzaak haar conclusie dat lijstverbindingen niet of nauwelijks meer leiden tot samengaan, tot fusies van betreffende partijen en dat het dus eerlijker (democratischer?) is om elke partij die zelfstandig blijkt te willen blijven opereren dan ook niet de kans te geven om met een beperkte samenwerking alleen tijdens de verkiezingen, meer zetels in de wacht te slepen.

Degenen die lijstverbindingen als mogelijkheid willen behouden vinden het eerlijker (democratischer?) om partijen die zich op ideologische gronden of meer algemeen vanwege hun politieke keuzes verwant voelen, de mogelijkheid te geven als groep het zetelaantal te halen dat hun groep ook zou halen als ze echt één partij zouden vormen. Zelfs als dat betekent dat een partij uit zo’n groep door het halen van een extra zetel groter wordt dan een andere partij met meer stemmen. Immers, dat is verdedigbaar omdat die extra zetel een evenredige vertegenwoordiging geeft, wel niet aan één specifieke partij, maar wel aan een groep toch op hoofdzaken gelijkgestemden.

Voorzitter, zonder te willen beweren dat het ene democratischer is dan het andere, spreekt deze laatste redenering mij het meeste aan. En dat geldt wat mij betreft zowel voor de Tweede Kamer als voor raden en staten, want de situaties zijn fundamenteel vergelijkbaar. Ik heb ook niet het gevoel dat door lijstverbindingen het kiesproces of de zetelverdeling ondoorzichtiger wordt, zoals de regering meent.

Wat betreft de methode van restzetelverdeling in het algemeen, waarover in de aanloop naar deze behandeling ook nogal wat discussie is geweest, heel kort. Ook hier geldt naar mijn overtuiging dat het systeem van verdeling op basis van grootste gemiddelden en het systeem van grootste overschotten uit democratisch oogpunt beide verdedigbaar zijn. Het punt staat nu natuurlijk eigenlijk niet ter discussie, maar als we het nu over doorzichtigheid hebben, waar de minister in zijn antwoordnota wel over spreekt als hij het heeft over de nadelen van lijstverbindingen, dan is juist dat bij dit punt wel duidelijk relevant. Voor de meeste mensen is een systeem op basis van grootste overschotten verreweg het meest begrijpelijk. Het is immers heel makkelijk uit te leggen, volledig in tegenstelling tot het systeem van grootste gemiddelden dat heel veel overredingskracht kost om mensen er van te overtuigen dat ook dat niet ondemocratisch is. En eigenlijk is begrijpelijkheid toch ook een aspect van democratie, toch? Dus, daar zouden we nog wel eens over door kunnen praten, maar in het kader van deze behandeling levert dat natuurlijk niet onmiddellijk iets concreets op.

Voorzitter, ik zal de minister niet gelukkig gemaakt hebben maar misschien hoor ik van hem dat hij mij wel kan begrijpen.

 

Locomotie

Blijf ook op de hoogte van de ontwikkelingen van de onafhankelijke politiek.
Abonneer je nu en ontvang Locomotie levenslang gratis in de bus. >