Deze website maakt gebruik van cookies. Door uw bezoek gaat u akkoord met het plaatsen van deze cookies.
Uitleg over cookies, met een link naar de pagina met privacy beleid Meer informatie Sluiten

Onafhankelijke SenaatsFractie

De OSF is een platform van onafhankelijke provinciale partijen

Kernwaarden: kleinschaligheid en de menselijke maat.
De politiek bestaat om de burger te dienen en niet andersom.

'De schuldhulpverlening is failliet'

“De betrouwbaarheid, integriteit en het bestaansrecht van de schuldhulpverlening staan sterk onder druk. Misleidende resultaats-verantwoording heeft enorme gevolgen.” Het zijn de woorden van Peter Westen, onafhankelijk schuldadviseur in Havelte, Drenthe. Zijn rapport ‘Prestatie-analyse schuldhulpverlening versus wettelijke schuldsanering: Resultaten, effecten en achtergronden van de schuldhulpverlening’ geeft een onthutsend beeld van onduidelijke financiële producten, lage rendementen en misleidende communicatie binnen de gremia van de schuldhulpverlening.

Het rapport ‘Prestatie-analyse schuldhulpverlening versus wettelijke schuldsanering: Resultaten, effecten en achtergronden van de schuldhulpverlening’ is gratis te downloaden via de website www.osf.nl

Vier jaar geleden stuurde Westen een brandbrief naar alle zittende raadsleden in Nederland over de uitkomsten van de schuldhulpverlening, meer in het bijzonder over de resultaten die wel erg mooi werden voorgespiegeld.

Het antwoord was oorverdovend stil. Struisvogelpolitiek? Berusting? Of hadden de volksvertegenwoordigers geen kaas gegeten van de materie of, erger nog, ontbrak de wil en de zin bij de raadsleden om zich in de problematiek van de schuldhulpverlening te verdiepen? Terwijl toch al in 2009 een informele commissie aan de toenmalige en huidige verantwoordelijke staatssecretaris Jette Klijnsma adviseerde ‘de schuldhulpverlening op de schop te nemen’.

In de schuldhulpverlening worden miljoenen aan overheidsgelden rondgepompt, zonder dat er zicht is op werkelijk geboekte resultaten. In goed Nederlands heet dat: door gebrek aan efficiency en controle draait de bureaucratische carrousel tot veler tevredenheid in een vast ritme door en zolang niemand de vinger op de zere plek legt blijft alles zoals het is. Ambtelijke molens draaien liever niet tegen de wind in.

Wie wel reageerde was Charles de Haas. Gepokt en gemazeld in de gemeentelijke en provinciale politiek in Drenthe voor de Onafhankelijke Partij Drenthe (OPD) en Gemeentebelangen Smilde-Beilen-Wester- bork (SBW). Voormalig Statenlid en al 27 jaar raadslid in de gemeente Midden-Drenthe. “Ik was onder de indruk van de brief die Peter had rondgestuurd”, aldus de huidige fractievoorzitter van Gemeente- belangen Smilde-Beilen-Westerbork.

Hij neemt geen blad voor de mond. “Bij het lezen ervan kreeg ik regelmatig een aha-erlebnis. Ik heb diverse malen met het bijltje gehakt om mensen die in de schulden- sores zijn beland te helpen. Dan bots je tegen een onzichtbare muur op van belangen die niet met elkaar stroken en waarvan niemand wijzer wordt. Een bureaucratische rompslomp met louter verliezers. Schuldenaar, schuldeiser en de belastingbetaler. In december 2013 heeft de OPD Peter de opdracht verschaft een onderzoek in te stellen naar de resultaten, effecten en achtergronden van de schuldhulpverlening.”

Hans Geers is in het dagelijkse leven mediator. Doordesemd van maatschappelijke betrokkenheid in zijn geliefde Drenthe. Vier jaar geleden nodigde de Haas hem uit om een vergadering van Gemeentebelangen Smilde-Beilen-Westerbork bij te wonen. “Sindsdien heb ik geen fractievergadering meer overgeslagen”, glimlacht Geers. Daarnaast is hij actief als campagneleider van Gemeentebelangen SBW en afgevaardigde van de OPD binnen de OSF. Binnen de OSF behartigt hij sinds kort samen met Nelly Nieuwenhuizen ook de belangen van de OSF in administratief en financieel opzicht. “De schuldhulpverlening is een heel ondoorzichtige zaak. Als je er bij betrokken raakt krijg je zicht op de misstanden. We hebben twee jaar geleden als Gemeente- belangen SBW een meldpunt schuldhulpverlening geopend”, legt Geers uit. “We stelden ons daar echt veel van voor, maar de reacties waren minimaal. Schaamte, angst? Ik weet het niet.

In ieder geval zijn we niet bij de pakken gaan neerzitten en heeft Charles een voortrekkersrol vervuld binnen de OPD om zich sterk te maken een onderzoek te laten verrichten naar schuldhulpverlening. Dankzij financiering door het wetenschap- pelijk bureau van de OSF heeft dat onderzoek plaatsgevonden.”

Westen verbaasde zich al jaren geleden over de lage resultaten van de schuldhulp-verlening. “In 2005 was er sprake van een landelijk gemiddeld succespercentage van slechts 12 procent. Terwijl de kritiek op de efficiency voortduurde, verbeterden de resultaten. Vreemd. De data-analyse van mijn onderzoek richt zich op gezinnen met ‘problematische schulden’ die zo hoog zijn opgelopen dat deze alleen met kwijtschelding van de restschuld kunnen worden opgelost. Ik heb me voor mijn onderzoek gericht naar de resultaatsverantwoording schuldhulpverlening in de jaarverslagen.

Daarnaast maak ik ook een vergelijking met de resultaten van de andere schuld-oplossingsmethode, de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP). Vervolgens vergelijk ik de resultaten van de Gemeentelijke Kredietbank Assen (GKB-Assen) met de landelijke resultaten van de NVVK.” De Nederlandse Vereniging voor Volkskrediet is een brancheorganisatie waarbij ruim 90 organisaties zijn aangesloten. Dat zijn publieke instellingen én private ondernemingen die diensten aanbieden in meer dan 400 van de 418 gemeenten die Nederland rijk is.

In 2012 beliep het aantal huishoudens met problematische schulden tussen de 373.000 en 531.000 (bron: Panteia). In Nederland melden zich jaarlijks zo’n 200.000 mensen bij hun gemeente aan voor schuldhulpverlening. Slechts een op de zes wordt daadwerkelijk door de gemeente geholpen. Steeds meer huishoudens in Nederland kampen met ernstige financiële problemen. Naar schatting 1,2 miljoen huishoudens in Nederland heeft ernstige schulden. De NVVK constateert een toename van de complexiteit van de schuldenproblematiek.

Westen vroeg zich af waarom er landelijk en regionaal zoveel trajecten al vaak in aanvang sneuvelen of na een schuldregeling terwijl dit toch een mooie regeling is om in drie jaar weer schuldenvrij te worden. Hoeveel problematische schulden worden definitief opgelost met een volledig nagekomen betalingsakkoord en daardoor kwijtschelding van de restschuld? En hoe verhouden de resultaten van de GKB Assen zich met de landelijke resultaten van de NVVK? En hoe pakt de vergelijking van beide uit ten opzichte van de resultaten van de WSNP? “Het stelsel van schuldhulpverlening is failliet”, beweert Westen stellig. “Het ontbreekt volledig aan regie en effectiviteit om tot schuldoplossingen te komen. Wat ik tijdens mijn onderzoek boven water heb weten te halen is dat de cijfers over de werkelijke prestaties niet kloppen, dat het aantal schulden vele malen groter is en het aantal gerealiseerde oplossingen vele malen lager. Niet één gemeente weet hoeveel kwantiteit de schuldhulpverlening of de Gemeentelijke Kredietbank daadwerkelijk levert.” In zijn rapport windt Westen er geen doekjes om.

Maatschappelijke misstanden, aangepaste statistieken, geen onderbouwing van opgevoerde percentages, manipuleren van slagingspercentages, resultaatfraude, onvolledige tellingen, herdefinities en misleidend vakjargon. Ofwel, zoals Westen het uitdrukt: ‘niets is wat het lijkt.’ “De betrouwbaarheid, integriteit en het bestaansrecht van de schuldhulpverlening staan sterk onder druk. Ik kom tot de conclusie dat de resultaten, ook landelijk, de laatste jaren sterk dalen. Deze misleiding vraagt om betere controlemechanismen en een duidelijk verantwoordelijke toezichthouder.” Krachtige taal die vraagt om concrete voorbeelden. Die wil Westen wel geven.

“In mijn rapport staan tal van voorbeelden over misleidende resultaatverantwoordingen, resultaatvergelijkingen, kosten-batenanalyses en maatschappelijke vervolgkosten. Laten we als voorbeeld het jaarverslag van de GKB Assen er bij nemen. Daarin wordt melding gemaakt van opmerkelijk hoge succespercentages per gemeente van maar liefst 44 tot zelfs 67 procent. Dit zijn rendementsverbeteringen die zeer fors zijn, variërend van 16 tot 76 procent. Uit mijn analyse van het GKB Assen jaarverslag blijkt dat de werkelijke schuldoplossingen de 10 procent nog niet eens haalt. De gepresenteerde resultaten hebben geen enkele relatie meer met de werkelijk gerealiseerde schuldoplossingen. Het grote verschil in standpunten wordt verklaard door de gehanteerde rekenmethode en de steeds gewijzigde definities van begrippen. Bijvoorbeeld een ‘succesvol afgehandeld schuldbemiddelingstraject’ suggereert een schuldoplossing maar is slechts een betalingsakkoord. De GKB Assen hanteert dezelfde berekeningswijze als de brancheorganisatie NVVK. De goede resultaten komen tot stand doordat de schuldhulpverlening pas telt bij daadwerkelijke intake en stopt bij het tot stand gekomen akkoord. Alle uitval daarvoor en daarna wordt niet in de resultaten verwerkt.

Schuldeisers kiezen in toenemende mate voor de gang naar de rechtbank en niet voor de schuldhulpverlening. Het percentage schuldeisers dat kiest voor de WSNP bedroeg in 2012 ongeveer 24 %.

In 2013 zie je door nieuwe WSNP tarieven, ingevoerde klantprofielen en mogelijk niet meer uitbesteding aan de advocatuur een daling naar 17%. Dit is nagenoeg hetzelfde percentage dat via de GKB’s tot bemiddelingoplossing van de problematische schuld leidt. De GKB handelt de aanvraag voor de WSNP administratief af. Landelijk wordt daarvan 20% niet toegelaten. Van de instroom slaagt uiteindelijk zo’n 72 % met een schuldoplossing. De GKB heeft gelijk dat zij dan een traject succesvol hebben afgerond. Maar om alle WSNP-aanmeldingen als een schuldoplossing en haar succes te bestempelen is misleidend, onjuist en onvolledig.”

In zijn rapport analyseert Westen onder meer de gemeente Midden-Drenthe. Daaruit bleek dat de werkelijke resultaten van de schuldhulpverlening in 2011 fors waren gedaald te opzichte van 2010. Reden voor Charles de Haas aan de bel te trekken bij de gemeente. Aanvankelijk krijgt hij nul op het rekest maar de Haas is niet voor één gat te vangen en blijft de gemeenteraad, lees de commissie welzijn, bestoken.

Na twee jaar discussie neemt het college in het nieuw ontwikkelde gemeentelijke beleidsplan alsnog regiemaatregelen op over de toelating tot de schuldhulpverlening. De verdienste van de Haas die zijn ergernis over het gevoerde beleid niet onder stoelen of banken steekt. “In Midden-Drenthe stond 200.000 euro voor schuldhulpverlening op de begroting. In 2013 ging de raad akkoord met 100.000 euro meer. Op de vraag naar resultaten krijg je louter ontwijkende antwoorden van ambtenaren. We betalen als gemeente dus 300.000 euro aan de GKB, maar een duidelijke onderbouwing van gerealiseerde resultaten blijft uit.”

Verantwoordelijk wethouder Midden-Drenthe, Henk van Hooft verklaarde desgevraagd tegenover het opinieweekblad De Groene Amsterdammer: “Onze kredietbank noemt een traject geslaagd als een schuldregeling is afgesproken. Tegenwoordig is dat anders. We moeten nu veel meer de output als doel stellen. En controleren of dat ook wordt gehaald.” Overigens. Zowel Westen, de Haas als Geers leggen de verantwoordelijkheid van de vaak torenhoge schulden bij de schuldenaren zelf. Welk gedrag ligt ten grondslag aan die schuldenopbouw? En waarom zou je de schuldhulpverlening WSNP niet verplicht kunnen stellen; het is immers je laatste kans. Er zijn gemeenten die het doen. Want het houdt niet op bij de schuldenaar en de schuldeiser. Bij uit huiszettingen draait de belastingbetaler op voor de kosten die, schat Westen in, samen met de overige maatschappelijke vervolgkosten tot zo’n 50.000 euro per geval bedragen. “De gemiddelde schuld staat in 2013 op 37.700 euro. Het aantal geregistreerde aanmeldingen in 2013 bedroeg 89.000. Kortom, er moet iets gebeuren.” In zijn ogen is de politiek aan zet. “Het gesjoemel met de resultaten van de schuldhulpverlening moet afgelopen zijn.”

Westen pleit nadrukkelijk voor een open cultuur en het herijken van de publieke belangen. Het is tenslotte de burger die eigenaar is van de (semi) publieke sector.

Verantwoordelijk staatssecretaris Jette Klijnsma laat weten dat het kabinet extra middelen beschikbaar stelt voor gemeenten ter intensivering van het armoede- en schuldenbeleid. Dit jaar € 70 miljoen, in 2015 € 90 miljoen. Zij onderschrijft desgevraagd het belang van krachtenbundeling tussen gemeenten en maatschappelijke organisaties. Daartoe stelt ze een jaarlijkse subsidie van € 4 miljoen beschikbaar aan maatschappelijke organisaties ter ondersteuning van projecten om armoede- en schulden-problematiek te bestrijden.

Tenslotte acht ze kennisdeling tussen gemeenten aangaande deze problematiek van groot belang. Derhalve inventariseert ze de manier waarop gemeenten hun armoede- en schuldenbeleid vormgeven. Ze verwacht de uitkomsten van die inventarisatie in het najaar beschikbaar te hebben.

Frans Hermans

Locomotie

Blijf ook op de hoogte van de ontwikkelingen van de onafhankelijke politiek.
Abonneer je nu en ontvang Locomotie levenslang gratis in de bus. >